You are currently browsing the tag archive for the ‘Critical Alignment’ tag.

Bestaat er zoiets als je kern, een goedheid in jezelf waar je naar terug kan grijpen? Geen idee.

Wat ik wel weet, is dat het voor mij werkt om te doen alsof die bestaat. En dan vind ik het even niet zo belangrijk dat hij wetenschappelijk is aangetoond.

Het idee van een mooie kern bestaat al langer. Dichter Willem Kloos schreef al in 1885: Ik ben een God in ’t diepst van mijn gedachten. Afgelopen najaar kwam ik hem bijvoorbeeld ook tegen bij Mary de Lanoy. Ik was bij haar proefkonijn voor acht sessies psychosynthese. Zie http://www.psychosynthese.nl en de afbeelding. Ook deze theorie gaat er vanuit dat er zoiets bestaat als een goede, volwassen ik of  het echte zelf.

Psychosynthese-Ei

Allerlei ingesleten denkpatronen, in de  psychosynthese noemen ze die subpersonen halen je weg uit die kern.

Critical Alignment

In Gert’s yoga is er voor ingesleten patronen ook een hoofdrol weggelegd. Want ook in ons lijf liggen allerlei vaste gewoontes verankerd. Zo zeer zelfs, dat we de vervormingen kunnen zien én aanraken. Zoals daar zijn, de hoge schouders, de holle rug enzovoort.

Zou het zo zijn, dat als het lijf zich hieruit losweekt je veel makkelijker uhm lichter toegang krijgt tot je kern?

Advertenties

Dit smaakt dus naar meer

Waarom yoga? Waarom Critical Alignment Yoga? Omdat het zo lekker is om je eigen lijf te herontdekken. Onder meer.

Deze zomer tijdens de yogaweek in Frankrijk vroeg yogaleraar Gert ons, onze schouderbladen los te laten hangen. Schouderbladen, schouderbladen? Ja waar die volgens de wetenschap in een menselijk lichaam zitten dat wist ik wel, maar dat is iets anders dan ze daadwerkelijk voelen. En laat ze dan maar eens los. Inmiddels een half jaar verder heb ik ze terug, voel er spanning in opkomen en kan die meestal weer kwijt.

Na mijn schouderbladen volgden:

  • dat stuk tussen mijn schouderbladen links en rechts van mijn ruggenwervel
  • de onderkant van mijn nek aan de achterzijde
  • een lagere basis in mijn rug van waaruit ik mijn hoofd voel bewegen
  • mijn atlas die beurs werd en daarna een beetje losser, opener, lichter
  • mijn hartstreek die uit zijn harnas ontsnapt lijkt
  • de handgreep uit mijn nek die zich terug trekt
  • plekjes her en der in mijn heupen
  • uhm mijn oksels

Laagje-voor-laagje

Het begin van een nieuwe ronde ontdek-je-plekje kondigt zich vaak maar lang niet altijd aan met zo’n beurs gevoel. Soms is een gebied gewoon ineens vrij en realiseer je je bijvoorbeeld ‘verhip inderdaad draag ik het gewicht van mijn hoofd laag in mijn bovenrug’. De eerste klap is een daalder waard of het blijkt slechts een topje van een ijsberg, meestal zitten er onder de eerste dikke laag nog heel wat te halen. Mensen die onbekend zijn met yoga denken dat je daaraan alleen plezier beleeft als je lenig en fit lijf hebt. Niets is minder waar. Juist beginners krijgen veel eer van hun werk. Maar pas op, een yogaholic ben je zomaar.

Het smaakt altijd naar meer

Yoga is een raar ding. Het is alsof je steeds een nieuwe worst wordt voorgehouden. Even krijg je een sneak preview van hoe het voelt om een soepelere onderrug te hebben. Maar als de gewenste aandacht en verzorging voor die onderrug niet volgt, dan voel je ineens wat je jezelf aandoet en wordt het daar juist beurs en houterig. Je gaat twee stapjes naar voren en dan weer een terug. Dat klinkt gemeen maar zo voelt het niet. Je kunt kiezen …, nog wat langer negeren en je voelt gewoon geen onderrug meer of vrolijk verder met ontdek-je-plekje.

Waar zitten mijn heupen?

Vaste prik hierbij is om op je kop op een hoofdstandbankje te staan. En dan je lijf te voelen, althans dat is het idee. Vooralsnog heb ik ondersteboven geen idee waar ik mijn heupen kan vinden. En daar krijg ik dus goede yoga- en leeflust van. Je zal het maar hebben.

Hangmat-ademhaling dat is zoiets als mijn prettigste ademhaling. Ademen doe je de godganse dag en dat kan je dan maar beter lekker doen.

Ik vroeg me gisteren af wanneer ik op mijn lekkerst adem. Dat is dus als ik in een hangmat hang, eentje die lichtjes heen en weer wiegt. In ideaal lenteweer: heerlijk warm met af en toe een prikkelende, koele windvlaag, een briesje. Het beeld is bijna compleet. De hangmat staat in mijn tuin waar ik een lichte frisse geur van gras ruik.

Mijn ademhaling is dan vredig, licht en langzaam – en opvallend vaak adem ik gewoon een tijdje niet.

Dit beeld werkt goed voor me. Ik probeer het op te roepen als ik in een uitdagend yogastandje sta of vlak voor een deadline zit. Mijn neiging was ooit om dan juist een partij stevig, vooral diep te ademen. But why? Want het verzwaart alleen maar. Het bevestigt als het ware dat het zwaar is, terwijl als ik overga naar de hangmatmodus ik zelfs in de meest rare standjes een zonnig gevoel krijg.

Waar komt die zware ademhaling vandaan? Het lijkt mij een resultaat van een mixed-bag met daarin opvoeding, cultuur, aard van het beestje die alledrie niet durven geloven dat het leven zomaar licht kan zijn.

Advertenties